roodborstje op een hek

Kleine (toch grote) verheugenissen

‘De meerkoet bouwt een nest met takjes uit het riet,’ appte een vriendin. Daar had ze twintig minuten naar staan kijken. De natuur kan allerlei emoties kalmeren. En dat hebben we nu allemaal hard nodig. Maar er is nog iets anders, iets verrassends, waarover ik me blijk te kunnen verheugen.

Vandaag voel ik me anders dan gisteren. Toen had ik mijn zoon kunnen helpen om staartdelingen onder de knie te krijgen en gemiddelden uit te rekenen. Bij de vierde som was het: “Ik snap het nu mam, deze wil ik zelf doen.” Nooit gedacht ik ooit iemand iets met cijfers zou kunnen uitleggen. Ook ik leer van het thuisonderwijs. Het was fijn dat ik de kans had om samen met zoon iets te doen aan de ‘ik kan het niet’-reflex die wel eens opspeelt. Opgetogen, trots, dankbaar was ik.

Maar er is ondanks zulke momenten, ook altijd iets waarover ik me zorgen maak. Als een machine die dag en nacht draait, staat er continu iets dat onze aandacht vraagt.

Hierdoor heerst er vandaag apathie in mijn hoofd. Er komt niets uit mijn vingers. Terwijl ik iedereen wil helpen.

De kapster die haar baan had opgezegd en net een eigen praktijk aan huis was getart. De visboer die niet weet hoe hij de huur moet betalen nu de klanten wegblijven. De vrouw bij de bakkerij die dapper doorwerkt, maar bang lijkt om elke keer het pinapparaat weer aan te pakken. De ondernemer die ziet hoe haar klanten hun opdrachten terugtrekken. Die oude dame die helemaal alleen is in een veel te groot geworden huis. De bloemenkweker die met pijn in het hart alle bloemen moet vernietigen. Die ziekenhuisarts die bang is voor wat er nog komen gaat.

Het is teveel. Ik kan geen kant op met mijn gevoel. Behalve. Blijven schrijven.

De kleine dingen

Als we ons nu ergens over verheugen, zijn dat opvallend vaak de kleine dingen. Merk je het ook?

De meerkoet. Het roodborstje. De ontluikende natuur.

Ook ik geniet van de natuur, gewoon in de achtertuin. Gezoem komt op gang. Knoppen breken open. Struiken worden voller. Ook zijn de mezen het vogelhuisje al komen inspecteren. Ik voel de lentezon op mijn huid, bekijk onze vaste gevederde bezoekertjes. Elke keer als ons roodborstje komt, zou ik het even voorzichtig willen oppakken als hij het zou toestaan. Alleen al de gedachte aan hoe dat zou voelen, maakt me kinderlijk blij. Ik zou zelf dat vogeltje zijn die veilig is in mijn handpalmen.

Na mijn momentje in de tuin merk ik vandaag, door alle apathie heen, iets verrassends.

Ik blijk me ook te kunnen verheugen over dingen waar ik me anders aan irriteer. Zoals de hooikoort, mijn maandelijkse hoofdpijn, de dagelijkse bende in de keuken, rondslingerende sokken. Want dat zijn de dingen die horen bij het normale, het gewone.

Zo is er ondanks alles, ook altijd iets waarover ik me kan verheugen.

Ik hoop dat ik dat straks, zoals je dat ook met je vakantiegevoel wilt, zo lang mogelijk weet vast te houden.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *